Posts tonen met het label buitenspelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label buitenspelen. Alle posts tonen

woensdag 8 juni 2016

Het is hier altijd buitenspeeldag


Zie ik dat nu goed? Zijn mijn kinderen aan het stoepranden in de straat. Was dat niet iets van vroeger?
Nee, dus. Het is makkelijk, want je hebt alleen maar twee kinderen, een bal en twee stoepranden nodig.
Ik kan me voorstellen dat dat laatste niet overal even makkelijk is, maar in mijn vooroorlogse wijk zitten netjes overal stoepen met randen. En zo net na etenstijd is de straat nog niet helemaal vol geparkeerd en kan er dus gerust gestoeprand worden.
Stoepranden is de nieuwe trend. 
Ik ben heel blij dat ik in zo'n straatje woon waar het de gewoonste zaak van de wereld is om lekker buiten te spelen. Eénrichtingsverkeer, dat scheelt. En in bijna de helft van de woningen zijn wel kinderen van tussen de 4 en de 12 aanwezig.

Na het avondeten zie je dan ook vaak een sliert over straat gaan, soms hier en daar aanbellend. Met een bal of een step gaan ze op pad om met elkaar nog net voor bedtijd te spelen.

Overdag komt het er vaak toch niet zo van. Clubjes, sporten of andere schooltijden zorgen ervoor dat er niet altijd veel kinderen aanwezig zijn.
En zo lang het licht is, is het gewoon vaste prik. Het is hier altijd buitenspeeldag.

Buitenspelen is belangrijk

Op 8 juni was het een landelijke Buitenspeeldag. Buiten spelen is ook goed voor kinderen. De woordvoerder van deze dag lichtte toe: "het is goed voor de motorische ontwikkeling, het zelfvertrouwen, creativiteit en concentratie en leerprestatie op school." Wat wil je nog meer?

Ik weet ook niet of het nu aan de kinderen ligt dat buitenspelen niet zo vanzelfsprekend is, als ik de toelichting lees op de site van Jantje Beton.
Ouders moeten hun kinderen veel meer loslaten.
Lekker laten ontdekken, vallen (een pleister is zo geplakt) en opstaan, ruzie maken en weer vrienden worden, elkaar helpen of spelletjes uitleggen.

Loslaten dus...

Maar ook voor mij als ouder die zelfstandigheid hoog in het vaandel heeft, was het laatst even slikken. Mijn jongste had een speelafspraak bij een parkje met 5 jongens uit zijn klas. Dus niet meer in de straat... dacht ik. Ik vond het ook redelijk vaag klinken. Mijn jongste voelde mijn twijfel geloof ik een beetje aan en stelde voor dat ik dan maar even meefietste. Bij het Johan Cruyff Court aangekomen, bleek de afspraak inderdaad te kloppen. Er werd een tijd afgesproken dat iedereen weer zelf naar huis zou gaan. En met een enigszins gerust hart fietste ik weer naar huis.
De straat is dus te klein geworden, dacht ik toen.
Hij had veel plezier gehad. Gevoetbald en in de bosjes gespeeld, niets stuk gemaakt en geen ruzie.

Toch ben ik blij als ik hem gewoon kan zien, als ik 's avonds even de straat oploop. Maar het went vast wel als ik hem niet meer kan roepen. Gewoon vertrouwen dat het goed komt.

donderdag 10 december 2015

Vrijwilligers zijn onbetaalbaar




"Harder, harder." De autoband aan een touw vliegt op en neer. In een niet te volgen ritme vliegen drie kinderen op en neer. Tot er eentje roept: "Stoooooooop, ik wil eraaaaf." Het gaat iets te ruig.

Het is een simpel speeltoestel: drie palen met touwen ertussen waar die drie autobanden aan hangen. Kinderen leren er hun evenwicht houden (eerst voorzichtig zitten, later staan), leren hun grenzen kennen (want hoe hard kan het nu echt) en rekening met elkaar houden (je moet alle drie stoppen als er eentje af wil). Wat een mooie vaardigheden leer je in deze speeltuin.

Die speeltuin is een goed verborgen geheim in onze wijk. Tussen twee straten, naast een kerk, met een toegangshek dat 's avonds op slot gaat.

Een paar jaar geleden hield de speeltuinvereniging ermee op. We hadden hier diverse verenigingen in Amersfoort, maar niemand wilde meer in het bestuur van deze vereniging. De speeltuin zag er ook niet uit.

Maar zoals dat gaat met vrijwilligers, er komen pas nieuwe als anderen plaatsmaken. En zo ook stonden er toen een paar ouders op met kinderen in de leeftijd die heel graag naar een speeltuin zouden willen gaan.
Een mooie constructie met een grote speeltuin-broer werd er gevonden, zodat de gemeente het sein weer op groen kon zetten, de veiligheid van de speeltuin gewaarborgd werd en er ook enige financiële bronnen aangeboord konden worden.

De speeltuin is een plek, waar de bewoners elkaar een paar keer per jaar vinden, waar de kinderen onbezorgd kunnen ravotten, in één boom klimmen, in een anderhalve meter hoog net kunnen klauteren, waar ze in een huisje een tea party kunnen houden of uitgebreid kingen op het stukje betonnen vloer dat nog een restant is uit de oude speeltuin.

Ik ben niet een van de ouders die is opgestaan. En daarover kun je je soms best schuldig voelen. Want ik weet hoeveel werk het is om ergens vrijwilliger te zijn. Bijna tegen het professionele aan moeten mijn buurtbewoners weten wat de veiligheidseisen zijn, waar de beste bouwmaterialen te koop zijn en bij wie je moet zijn om fondsen te werven.
En als er dan een opruimdag is, dan probeer ik toch mijn steentje bij te dragen om maar wel mijn betrokkenheid te laten zien.
"Want ik vind dat ze gewoon supergoed werk doen"
Het is voor kinderen, en ook voor kleine kinderen, zo belangrijk dat ze lekker, en veilig, buiten kunnen spelen. Zo leren ze wat ze allemaal al kunnen, worden ze lekker vies van zand en modder en hebben ze gewoon heel veel plezier met elkaar.
7 december was het in Nederland de Dag van de vrijwilliger. Het waarderen moet je alleen wel het hele jaar doen. Dus ouders:
"Bedankt dat jullie dit doen, iedere dag weer."

vrijdag 30 oktober 2015

Buitenspelen is de normaalste zaak van de wereld ... in de zomer

Van april tot en met de herfstvakantie is het na half zeven 's avonds een drukte van de belang bij mij in de straat. Skaten, steppen, of kingen. Zelfs voetballen is mogelijk tussen een muurtje en een blok met garages. Verder is het weinig soeps in de straat. Eenrichtingsverkeer, dat is wel fijn. Maar veel huizen, smalle stoep, geparkeerde auto's. Een mooie vooroorlogse wijk dus, met heel veel kinderen.

Voor buitenspelen hebben kinderen eigenlijk dus weinig nodig. Het grootste speelobject van de straat is het trappetje met hellingbaan dat naar een kerk leidt, waar het alleen op zondag druk is. Daar kun je zo hard mogelijk met de step vanaf, of skatend, of fietsend.

De kinderschare is iedere dag anders. De leeftijden lopen uiteen van 5 tot een jaar of 12. Rond zeven uur worden de kleintjes naar binnen geroepen, dan om half acht de tweede ronde en rond acht uur de laatste.

Zomers gaat het buitenspelen dus wel goed.
Maar wat moet je doen als het vroeg donker is?
Ik vraag altijd bij de BSO of ze nog lekker buiten hebben gespeeld. En bij mooi weer is dat ook vaak het geval. Mijn jongste zoon van zeven mag al zelfstandig op het plein bij de BSO spelen. Mijn oudste loopt eigenlijk heel vaak buiten bij de BSO, het plein bij haar schoolgebouw is ook helemaal ingericht op de bovenbouw. Ze komen vaak lekker vies thuis. Ik vind het prima. De wasmachine doet zijn werk wel.

Maar wat ik echt vreselijk vind, is als het regent, sneeuwt of gewoon koud is buiten. 
Als echt buitenmens kan ik me prima kleden op slechte weersomstandigheden. En dat doe ik bij mijn kinderen dus ook. Regenpakken hebben we in Zweden ingeslagen deze zomer, hippe regenlaarzen kochten we in Noorwegen. De skibroeken liggen voor het grijpen en ook snowboots heb ik graag klaar staan.

En als ik dan kom bij de BSO in de winter en ik vraag: hebben ze lekker buiten gespeeld? dan krijg ik vaak het antwoord dat het maar tien minuten geduurd heeft, omdat de kinderen het koud kregen. Niet die van mij, nee, die was wel voorbereid met dikke jas, handschoenen, muts en goede schoenen.

Omdat ik het gedrag van ouders zelf niet kan wijzigen, moet ik er dus wel op letten dat mijn kids op de niet-BSO dagen zelf lekker buiten spelen. Moeilijk... want hoe ouder ze worden, hoe meer de televisie en tablet lonken.
Maar als ze eenmaal buiten zijn, ach, dan vinden ze de buurkinderen en dan zie ik ze de hele middag niet.

zondag 21 juni 2015

Van Annemaria Koekoek tot aan een Poolnachthike



"Mama, mogen we nog even buiten spelen?" In deze periode van lang licht buiten is het een dagelijks terugkerende vraag. Een sliert kinderen trekt tussen zes en half acht door de straat om nog even te voetballen of te kingen op een kleine parkeerplaats tussen een parochiegebouw en drie garageboxen. Meer hebben ze niet nodig.

Ook bij scouting verbaas ik me altijd over de inventiviteit van leiding en kinderen om met niets zoveel leuke dingen te doen. Bij de allerjongsten, de bevers, wordt er Annemaria Koekoek gespeeld. Meer dan twee lijnen in het zand heb je niet nodig. En die kleintjes vinden het prachtig.
Als ze al wat groter zijn, dan kan het er wat ruiger aan toe met Hollandse Leeuwen. Ook hier twee lijnen uit elkaar. De tikker roept Hollandse Leeuwen. Je rent van de ene kant naar de andere kant. Je bent af als je opgetild bent en dan moet je meedoen met optillen, zodat de "tikkers" een steeds grotere groep worden. Naast sportiviteit is ook het samenwerken belangrijk, want hoe kun je anders als welp je eigen leiding optillen.
Voor de tieners heb je weer andere fysieke uitdagingen nodig. Als je ze weet te motiveren, dan kunnen ze veel. Een Poolnachthike wordt door een scoutinggroep uit Doorn georganiseerd. De explorers, leeftijd 15-18, gaan met bepakking een tocht lopen met heel veel technieken, posten en uitdagingen onderweg. En natuurlijk wordt er gemopperd dat het ver is, dat voeten pijn doen of dat de rugzak te zwaar is, maar aan het einde hebben ze het toch mooi gehaald.

Scouting Nederland heeft een onderzoek onder de aandacht gebracht dat Scouting een belangrijke bijdrage levert aan buitenspelen. In ieder geval levert scouting die bijdrage op zaterdag. Even geen pc, tablet of mobieltje, maar lekker rennen in het bos, klauteren in de bomen of een speurtocht als het zo uitkomt.
Scouts zijn zelf overigens koplopers in het gebruik van nieuwe media en technieken. Dus wordt GPS-gebruik niet geschuwd, heb ik wel eens een Whatsapp-locate spel gespeeld of kun je meedoen aan een Cyberhike. Het zit 'm in het combineren van buiten en techniek. Meegaan met de tijd, het continu blijven boeien van de jeugdleden, met buitenspelen en jezelf ontwikkelen als de rode draad.

Koningin Maxima heeft op zaterdag 13 juni het Scoutinglandgoed Zeewolde geopend. Daarmee is er weer een mooi terrein erbij gekomen waar scouts kunnen kamperen, waar ze ook toegang hebben tot de randmeren en heel veel avonturen beleven.
Ik was er op zondag om een laantje met bomen te onthullen op het landgoed, en mijn kinderen waren mee. Die vonden daar een stapel strobalen, waar ze een eigen doolhof of tunnel mee hadden gebouwd. Ze stonden daar als zitplaatsen nog voor de opening. Met niets iets maken. Ik vond het prachtig, al hadden ze strootjes overal zitten en vind ik die nu nog steeds in de auto.

In de zaterdageditie van de krant werd nog op de voorpagina gekopt: Gamen of kappen? Het advies was: kap niet met gamen, maar zorg voor voldoende afwisseling. En dat is wat we bij scouting al heel lang doen!